| |
Ortho-moleculaire
therapie
Vitame D3
VITAMINE D3
Gebrek aan vitamine D kan voor kinderen en
volwassenen vooral problemen aan de botten geven.
Gebrek aan vitamine D kan als volgt ontstaan:
- Kinderen die weinig zon krijgen, vlak voor
de winter geboren worden en geen extra vitamine D krijgen.
- Oudere mensen hebben meer problemen met vitamine D vorming en
komen vaak minder in de zon uit angst voor huidkanker.
- Mensen met een donkere of bruine huid die naar noordelijke landen
verhuizen en daardoor minder zonlicht krijgen.
- Indien men de huid steeds met kleding beschermt zoals in de
Arabische landen vanwege religieuze of culturele redenen.
- Indien er problemen zijn met de vetresorptie, zoals bij
leveraandoeningen, resectie van darmen (maligniteit, ziekte van
Crohn).
- Nieraandoeningen, op genetische basis of door ziekten, waarbij de
omzetting van calcidiol in calcitriol verstoord is.
- Leverstoornissen door medicamenten. Phenytoine, een
anticonvulsief middel is een voorbeeld, maar er zijn en komen veel
meer leverbeschadigende medicijnen op de markt.
Test
Een tekort aan vitamine D3 is te bepalen via het bloed. Maar een
eenvoudige test is: druk met de wijsvinger op het borstbeen. Indien
het pijn doet is dit een aanwijzing voor een tekort. Bot en
spierpijnen, die lijken op fibromyalgie, kunnen een aanwijzing zijn
voor een vitamine D tekort.
In de menopauze zien we regelmatig botontkalking bij vrouwen, wat
met vitamine D3 400 IU opgevangen wordt. Bij voldoende vitamine D3
is het niet nodig veel kalk (max. 800 mg/dag) in te nemen (4).
Magnesium is bij osteoporose van groot belang.
Tussen calcium en magnesium behoort een evenwicht te zijn. Magnesium
helpt calcium de botten in, anders gaat calcium de spieren in van
bloedvaten en spieren (geeft nachtelijke spierkrampen). Bij
voldoende magnesium neemt de botdichtheid toe (5). Magnesium remt
PTH, waardoor kalk niet zo snel uit de botten gaat.
Vitamine K blijkt belangrijk te zijn om kalk
vast te houden in de botten, anders gaat het naar de bloedvaten
(veroorzaakt aderverkalking = arteriosklerose) en de hersenen. Het
eiwit osteocalcine heeft het vitamine K nodig om kalk in de botten
te houden. Vitamine K houdt dus niet alleen kalk op de juiste
plaats, maar zorgt er ook voor dat kalk niet via de nieren
uitgescheiden wordt (8,9).
Gevolgen van gebrek aan vitamine D
Rachitis = Engelse
ziekte
Pasgeborenen en kinderen krijgen bij langdurig tekort aan
vitamine D een gebrek aan de mineralisatie van het bot bij groeiende
kinderen. De gevolgen zijn dat door zwakte van de botten van de
benen deze krom gaan staan. Na de oorlog werden baby´s met 6oo.ooo
IU ingespoten om rachitis te voorkomen. Doordat er ook vitamine D in
de voeding zat, nam de eetlust van de kinderen af. Reden om met
vitamine D in druppelvorm door te gaan in plaats van injecties.
Osteomalacie =
botverweking
Ondanks dat het beendergestel bijvolwassenen niet verder meer
groeien, is er een constante wisseling van mineralen en eiwitten in
het bot. Dit wordt verzorgd door osteoclasten die het bot afbreken
en osteoblasten die het weer opbouwen. Door het tekort aan mineralen
en de verweking van het bot, gaat dit pijn doen. Bij osteomalacie is
er voldoende collageen waarin de mineralen in horen te zitten. Van
dit laatste is echter een tekort. Osteomalacie komt zelden voor. Bij
osteoporose is er een afname van totale bothoeveelheid.
Osteomalacie geeft vaak typische pijnen, die
sluipend beginnen in onderste deel van de wervelkolom (lumbaal) en
later in de dijen, armen en ribben. De pijn is vaak symmetrisch en
gaat gepaard met botpijnen. De spieren zijn zwak. Trappen lopen kost
moeite.
Onverklaarde bot en spierpijnen kunnen ook een gevolg zijn van een
tekort aan vitamine D. (6)
Mogelijke gevolgen van vitamine D
deficiëntie (= tekort)
A. Osteoporose
Onvoldoende vitamine D veroorzaakt verminderde opname van
calcium, stijging van parathyroid hormoon en toename van de
botontkalking, doordat het PTH de kalk uit de botten haalt.
Zie onder "Test".
B. Verhoging van de weerstand tegen
infectieziekten.
Een voldoende vitamine D beschermt tegen griep en vele andere
infectieziekten.
John Cannel van de vitamine D council beveelt een vitamine D spiegel
aan van 125nmol/ltr, zeker als een vogelgriep epidemie dreigt.
C. Kanker
De kenmerken van kankercellen zijn dat het niet gespecialiseerde
en snel groeiende cellen zijn. Ze bezitten veel VDR (=vitamine D
receptoren). Dit geldt voor de borst-, long-, colon- (dikke darm),
bot- en huid-kankers (melanoma). Het blijkt dat de toediening van
calcitriol of vitamine D3 een remmende werking uitoefent op de
proliferatie van kankercellen.
- Prostaatkanker
Epidemiologische studies hebben aangetoond dat er een relatie is
tussen
prostaatkanker, leeftijd en de blootstelling aan de zon. Er is meer
kanker bij
donker gekleurde mensen in de Verenigde Staten en de West-Europese
landen
dan bij de blanke bevolking. Maar in Afrika, Centraal en Zuid
Amerika ligt de
frequentie juist laag (10).
- Colon en rectumkanker
De gebieden waar veel rachitis en weinig zonlicht is, met een
verlaagde
vitamine D concentratie in het bloed, lijkt meer dikke darmkanker
voor te
komen. De toediening van vitamine D had bij mannen met darmkanker
wel
succes (11), maar niet bij vrouwen. Wel was er een duidelijke
relatie met
serumconcentraties aan calcidiol en precancereuze darmpoliepen,
voorlopers
van darmkanker (12).
- Borstkanker
Er is een duidelijke relatie van de frequentie aan borstkanker
met de hoeveelheid zonlicht en inname van vitamine D3 (13). Een
verband met de hoeveelheid calcitriol of calcidiol is nog niet
gevonden. Gebleken is dat vitamine D3 borstkanker met 77% kan terug
dringen.(16+17)
Volgens onderzoekers van de University of California is meer dan 50%
van alle gevallen van darm- en borstkanker te voorkomen als men
voldoende vitamine D3 zou innemen.
In Nederland zouden er 7000 minder sterfgevallen zijn indien
dagelijks 1000.IE vitamine ingenomen zou worden en een afname van
50% van de colorectale kanker.
-
Huidkanker.
In Nederland ontstaan 22.000 gevallen per jaar van huidkanker
en elke 10 jaren verdubbelt dit aantal zich. De soorten zijn:
- 80 %
basaalcelcarcinomen
- 20%
plaveiselcelcarcinomen
-
…% melanomen.
UV-A leidt
tot rimpels, geeft de huid de bruine kleur en kan tot
melanoom-vorming leiden.
UV-B doet de huid rood kleuren, maakt de huid dikker en
beschermt daarmee tegen verbranding; is verantwoordelijk voor de
minder agressieve vormen van huidkanker; stimuleert de aanmaak van
vitamine D in de huid.
De zon helpt vele ernstige chronische ziekten te voorkomen.
De overlevingskans
bij kanker is gerelateerd aan de hoeveelheid UV-B van de zon en de
vitamine D status. In Noorwegen werd voor borst, darm,
prostaatkanker en de ziekte van Hodgkin een 30% grotere
18-maandelijkse overlevingskans gevonden.
In Boston bleek, dat patiënten die in de zomer voor longkanker
werden geopereerd en een hogere vitamine D status bezaten, een
5-jaars overlevingskans van 72% hadden.
Eigenschappen
(1+2).
Vitamine D is een vet-oplosbaar vitamine, net zoals de vitamine A, E
en K. Vitamine D3 (cholecalciferol)is het belangrijkste dat we
opnemen. We kunnen uit cholesterol via 7-dehydrocholesterol vitamine
D3 maken. Deze laatste omzetting vindt in de huid plaats door
blootstelling aan ultraviolet licht van de zon (UVB straling). Deels
halen we het uit de voeding.
Vitamine D3 wordt aan een eiwit gebonden en naar de lever
getransporteerd. Op de 25e plaats komt er nog een koolstof aan en we
hebben calcidiol (25-OH-D3 =
25-hydroxyvitamine D3). De hoeveelheid calcidiol in het bloed is
afhankelijk van de hoeveelheid zon en de voeding.
Het calcidiol moet omgezet worden in het calcitriol [=1,25(OH)2D3].
Deze omzetting wordt gekatalyseerd door een enzym uit de nieren.
De bijschildklieren vormen het parathyroid
hormoon (PTH), die in het bloed de kalkhuishouding regelt. Dit
gebeurt indirect. PTH stimuleert in de nieren het
enzym1-hydroxylase, resulterend in toename van het actieve
calcitriol. Daardoor zal het calcium (=kalk) in het bloed stijgen
door:
1. Versterkte kalkopname ui de darmen
2. Kalk uit de botten wordt gemobiliseerd.
3. Versterkte terugresorptie van kalk uit de nieren
PTH zal ook helpen bij de versterkte terugresorptie van kalk door de
nieren.
De PTH is het laagst bij een hoge vitamine 25(OH)D concentratie. Bij
een grote inname van calcium daalt de PTH.
Een goede calciumconcentratie in het bloed is
van belang voor de botten en het centraal zenuwstelsel.
Vitamine D
receptoren
Calcitriol gaat in de cel naar de kern en verbindt zich met
een vitamine D receptor (=VDR) om een calcitriol/VDR complex te
vormen. Deze combinatie verbindt zich weer met een andere receptor,
de retinoine-zuur X receptor (RXR) die tezamen invloed hebben op
delen van DNA, de vitamine D reactieve element (VDRE). Dit geheel
heeft weer invloed op onze genen. Op deze wijze heeft vitamine D
invloed op de kalkstofwisseling in de darmen, osteoblasten in het
bot en op de nieren.
Samenvatting:
Het parathyroid hormoon heeft invloed op de kalk/fosfor
stofwisseling van de botten en op de vorming van calcitriol uit
calcidiol in de nieren.
De lever vormt het calcidiol dat omgezet wordt in calcitriol.
Calcitriol werkt op de botten en op de dunne darmen en regelt in het
bloedserum de hoeveelheid calcium.
Immuniteit
Het blijkt dat bij psoriasiscellen en bij auto-immuun ziekten de
T-cellen of de
T-lymfocyten de toediening van calcitriol een positief effect heeft.
In beide gevallen is er de aanwezigheid van (ongebruikte) vitamine D
receptoren (VDR). Het feit dat er VDR in T-cellen zit, wijst erop
dat vitamine D een rol speelt in de werking of ontwikkeling van
T-cellen. In het bloed blijkt vaak een ernstig tekort te zijn aan
vitamineD. De toediening van calcitriol blijkt vaak een gunstig
effect te hebben bij verscheidene auto-immuun ziekten, gemediateerd
door T-cellen.(3)
Therapie:
Concentraties
van vitamine D in het bloed:
Deficiëntie 0 – 12,5 nmol/ltr
Onvoldoende 12,5 – 50 nmol/ltr
Hypovitaminose 50 – 100 nmol/ltr
Voldoende 100 – 250 nmol/ltr
Toxisch meer dan 250 nml/ltr of 500 nml/ltr.
(dit laatste kan men krijgen bij een inname van 20.000 IE/dag
gedurende vele maanden). Een teveel wordt door het lichaam
gereguleerd. Een teveel vitamine D door de zon wordt door de huid
geregeld. Inname van een teveel calcitriol kan wel problemen geven.
Vitamine D is een vetoplosbaar vitamine. Toediening in druppelvorm,
capsule of per injectie zal goed gaan. De tabletvorm wordt slecht
opgenomen naar mijn ervaring. De zon is goed, behalve tussen12uur en
16 uur. Dit kan de huid niet verwerken. Dat wil niet zeggen dat u
even in de zon kunt lopen. Donkerbruine en dikke huidplekken moeten
afgeschermd worden, aangezien deze tot kwaadaardige huidaandoeningen
kunnen leiden.
Behandeling met vitamine D
Belangrijk is eerst een bepaling te doen van de concentratie
vitamine D in het bloed. Afhankelijk daarvan is het van belang
hoeveel men moet geven.
Een dagelijkse inname van 40 IE (=mcg)
verhoogt de serumwaarde voor vitamine D met 1 nml/ltr. (7)
De Nederlandse gezondheidsraad adviseert dat
30 nmol/ltr of wat meer.
Dat is volgens mij te laag.
Onderzoek heeft aangetoond dat boven 100 nmol/ltr in het bloed het
beste is, dat is 4000 IE vitamine D.
Overigens blijkt dat 30 minuten in de zon op het strand de aanmaak
in de huid 20.000 IE vitamine D veroorzaakt. Bij een teveel wordt
dit in de huid ook weer ongedaan gemaakt.
Zonder enig probleem kan een volwassene 2000
IE per dag innemen. Daarnaast kan men via de voeding vitamine D
krijgen:
100 gr zalm 450 IE
100 gr haring 800 IE
100 gr sardines uit blik 260 IE
Één eetlepel levertraan levert ongeveer 14.00 IE D, maar
tegelijkertijd krijgt u 14.000 IE vitamine A binnen. Tijdens de
zwangerschap kunt u dan beter een koffielepel (= 5cc) innemen.
Tijdens de zwangerschap is vitamine A ook nodig. Een tekort
veroorzaakt afwijkende kinderen. Een teveel ook maar dit ligt veel
hoger en is vaak dan niet van natuurlijke oorsprong.
Behandeling van ziekten:
- Osteoporosis.
Via bloedonderzoek moet men nagaan hoeveel vitamine D men moet geven
en of er tekorten zijn aan vitamine K, calcium en magnesium.
Mineralen zoals borium zijn moeilijk te bepalen, maar altijd zinvol
om erbij te geven.
- Kanker. Bij prostaatkanker is het zinvol om de PSA en zink
te meten. Zink is belangrijk tegen prostaatkanker. Selenium tegen
kanker kan iedereen in Nederland gebruiken omdat er te weinig in de
voeding zit.
Er blijkt een reductie plaats te vinden van 75% aan invasieve
tumoren van darm en borstkanker en een reductie van 25% aan
borstkanker indien de vitamine D concentratie in bloed voldoende
is (Schuitemaker) (zie boven).
- Auto-immuun ziekten
Bij verschillende auto-immuun ziekten blijkt een tekort aan vitamine
D. Bij
de volgende ziekten is vitamine D van belang:
a. Insuline afhankelijke diabetes mellitus:
beta-cellen van de alvleesklier zijn van belang om het
immuunsysteem te ondersteunen. Vitamine D beschermt tegen diabetes
mellitus type-1 bij kinderen(daling van 80% bij 2000 IE/dag).
b. Diabetes type 2: 15% heeft geen
overgewicht. Mensen met vitamine D tekort hebben meer kans op
insuline-resistentie en vaker symptomen van een metaboolsyndroom.
(insuline-resistentie gaat vaak samen met overgewicht, hoge
bloeddruk, moeheid en een verstoorde vetstofwisseling.)
c. Zwangerschapsdiabetes: naarmate de
concentratie vitamine D in het bloed hoger is, neemt de
insuline-gevoeligheid toe; 72% bleek vitamine D deficiënt
(=tekort) met een lagere hoeveelheid dan 25 nmol/ltr. Indien
diabetes samen gaat met een tekort aan vitamine D, dan is er een
grotere kans op osteoporose en botfracturen.
d. Diabetes preventie: de zwangere
vrouw beschermt haar baby tegen diabetes type-1 door een vitamine
D rijke voeding te gebruiken. Baby’s die dagelijks 2000 IE
vitamine D binnen kregen hadden 80% minder kans om diabetes type-1
te ontwikkelen. Tijdens de borstvoeding dient de moeder 6000 IE
per dag in te nemen volgens de kinderarts Bruce Hollis. De
pasgeboren baby heeft in het eerste jaar zeker 400 IE nodig en
daarna 1000 IE. (P.S. na de oorlog werd aan baby’s 600.000 IE
gegeven om Engelse ziekte te voorkomen. Sommige baby’s kregen
tijdelijk een verminderde eetlust indien in de voeding ook extra
vitamine D werd gedaan.)
e. Multiple sklerose:
de myelinevorming van de zenuwcellen hebben vitamine D nodig, ook
om de degeneratie tegen te gaan. Bij voldoende vitamine D heeft
men een sterker gebit en daardoor minder kans vullingen te
krijgen. Vooral kwik en waarschijnlijk ook goud geven een
destructie van de zenuwbanen. In gebieden waar veel zon is, zoals
in de gebieden langs de evenaar en in het hooggebergte is minder
MS.
f. Reumatoïde artritis:
vitamine D is van belang voor het collageen van
de gewrichten (3,14). Er is een duidelijk verband
tussen een tekort aan vitamine D en gewrichtsaandoeningen zoals
artrose en reumatoïde artritis.
Gingivitis: ontstoken tandvlees treedt minder vaak op bij
een voldoende vitamine D status en daarmee ook de kans op
artritis.
g. Eczeem: mijn ervaring is dat enige patiënten met eczeem en flinke
jeuk een ernstig tekort aan vitamine D hadden. Na injectie (600.000
IE i.m.) met vitamine D verdween het eczeem en de jeuk in verloop
van 2 weken.
Indien de moeder tijdens de zwangerschap en daarvoor een tekort aan
vitamine D heeft, is de kans groot dat de baby al vroeg eczeem
heeft. Toediening van vitamine D druppels eventueel met vitamine A
is dan gewenst. Ook de jeuk kan ermee verdwijnen.
h. Astma: kinderen van moeders uit
de groep met de hoogste inname aan vitamine D hadden 52% minder
kans om in de eerste 5 jaar astmatische klachten te ontwikkelen.
De kans op chronische astmatische klachten in die periode is zelfs
67% lager.
i. Winterhanden en voeten: dit geneest
en is te voorkomen met één injectie vitamine D in het begin van de
winter. Vitamine D in injectievorm is uit de reguliere therapie
verwijderd en door tabletten vervangen die niet helpen.
j. Depressie en ouderdom: bij
depressieve ouderen blijkt de vitamine D status vaak laag te
liggen en verbetert de stemming bij toediening met 4000 IE
vitamine D aanmerkelijk. Bij depressiviteit worden hoogtezon kuren
regelmatig toegepast. Bij 65-plussers veroorzaakt een vitamine D
tekort een slechte lichamelijke conditie. Toediening verbetert de
fysieke prestaties en blijkt ook het geheugen te verbeteren.
k. Lage rugpijn: door toediening van
vitamine D kan de rugpijn in 3 maanden verdwijnen. Bij onderzoek
van een groep met lage rugpijn verdwenen in 90 % de klachten.
Toxiciteit van vitamine D
Dit wordt hypervitaminose D genoemd. Vergiftiging van vitamine D
door blootstelling aan de zon is nog niet waargenomen. Het kan wel
ontstaan indien men over vele jaren dagelijks 10.000 – 50.000 IU
(=250 tot 1250 microgram per dag) inneemt (15). Na de oorlog kregen
baby´s een injectie met 600.000 IU en daarnaast nog vitamine D in de
voeding. Dit veroorzaakte tijdelijk een afname van de eetlust. De
verschijnselen van een hypervitaminose D zijn vooral te wijten aan
een verhoogde calciumspiegel in het bloed, die het gevolg hiervan
zijn. De bloed en urinespiegels van calcium zijn dan verhoogd.
Indien de situatie blijvend is, dan zal een botontkalking plaats
vinden en zullen de organen verkalken, zoals het hart, bloedvaten,
lever en nieren. Vooral bij de inname van calcitriol zullen de
klachten komen omdat de vorming van calcitriol de controle
mechanismen van het lichaam passeert.
De verschijnselen van hypervitaminose D zijn:
• Verlies van eetlust.
• Misselijkheid.
• Braken.
• Overmatige dorst.
• Overmatig urineverlies.
• Spierslapte.
• Gewrichtspijnen.
• Uiteindelijk desoriëntatie, coma en dood.
Dit is de reden dat geadviseerd wordt bij een dagelijkse inname, de
volgende regels aan te houden:
Baby´s 0 – 12 maanden max. 25 microgr (1000 IE/dag)
Kinderen 1 – 18 jaar max. 50 microgr (2000 IE/dag)
Volwassenen 19 jaar en ouder max. 50 microgr (2000 IE/dag)
Tegenwerking door medicijnen:
- Cholesterol verlagende middelen remmen vitamine D in zijn
vorming.
- Anti-schimmel medicijnen remmen de vorming van calcitriol.
- Anti-convulsive middelen: phenytoine en fenobarbital doen de
calcidiol in het bloed dalen door remming van de vorming in de
lever.
Literatuur
- Brody T. Nutritional Biochemistry. 2nd ed. San Diego.
Academic Press 1999
- Holick Mf. Vitamin D. Nutrition in Health and Disease, 9th ed
Baltimore: Williams+Wilkins; 1999: 239-345.
- Deluca HF, Cantorna MT. Vitamine-D: its role and uses in
immunology. FASEB J 2001;15(14):2579-2585
- Journal of the American Medical Association 2005;294(18):2336-41.
En in Fit met voeding nummer 2-2006, 14e jaargang.
- Journal of the American Geriatics Society 2005;53(11):1875-80.
- Prevalence of severe hypovitaminosis D in patients with
persistent, nonspecific muscculoskeletal pain. Mayo Clin Proc 2003;
78(12):1463-70 Plotnikoff GA, Quigley JM.
- Vieth R. Critique of the considerations for establishing the
upper tolerable upper intake level for vitamine D: criticil need for
revision upwards. J Nutr 2006; 136:1117-1122
- American Journal Qn Nutr. 69 74 79 (1999). D.Freskanich, P.Weber,
W.C. Willet, H.Racket, S.L.Booth, G.A. Colditz.
- Am.Dietet.Assoc. 96 149 154 (1996). Booth S.L, J.A.Pennington,
J.A.Sadowski.
- Vitamin D and prostate cancer. Proc Soc Exp Biol Med
1999;221(2):89-98 Blutt SE, Weigel NL.
- Calcium and vitamin D:thier potential roles in colon and breast
cancer prevention. Ann NY Acad Sci 1999;889:107-119. Garland CF and
FC, Gorham ED.
- Vitamin D, Calcium and vitamin D receptor polymorphism in
colorectal adenomas. Cancer Epidemiol Biomarkers Prev
2001;10(12):1267-1274. Peters U, McGlynn KA, Chatterjee N, et. Al.
- Vitamin D and breast cancer risk. Cancer Epidemiol Biomarkers
Prev 1999;8(5):399-406.
- Cantorna MT. Vitamin D and autoimmunity: is vitamin D status an
environmental factor affecting autoimmune disease prevalence? Proc.
Soc Exp Biol Med 2000;223(3):230-233.
- Food and Nutrition Board, Institute of Medicine. Vitamin D.
Dietary Reference Intakes: Calcium,Phosphorus, Magnesium, Vitamin D
and Fluoride.Washington,D.C: National Academy Press; 1997:250-287.
- Lappe J.M. Travers- Gustafson D. Davies KM, Recker RR, Henney RP.
Am. J Clin Nutr. 2007 Jun; 85 (6): 1586-91
- Orthofyto jaargang 13; dec.2007-jan. 2008.pag.4/5. Walter O.M.
Faché
J.Beunk
Homeopatisch en Orthomoleculair arts
Orionweg 23
2024 TA Haarlem
Tel. 023 5271612, fax. 023 5261203
|
|